Charybdis
Charybdis - Oud-Grieks: "Zij die naar beneden zuigt" - is een figuur uit de Griekse mythologie. Een zeemonster, de dochter van Poseidon en Gaia. Volgens de mythe zoog Charybdis driemaal per dag een enorme hoeveel water op en spuwde ze die vervolgens uit, waardoor een draaikolk ontstond. Charybdis was oorspronkelijk een zeenimf, die door Zeus in een monster werd veranderd toen zij haar vaders koninkrijk onder water zette. Charybdis bevond zich aan een zeeëngte en daartegenover lag Scylla, een monster met zes hondenkoppen en Charybdis' zuster. Zeelui die door de straat voeren moesten zo veel mogelijk in het midden varen, om hun tocht niet met de dood te bekopen. De Argonauten overleefden allen hun reis tussen Scylla en Charybdis door, doordat ze begeleid werden door Thetis, één van de Nereïden. Odysseus had minder geluk; hij verkoos Scylla boven Charybdis, wat er toe leidde dat een deel van zijn scheepsbemanning werd opgegeten. Vervolgens kreeg hij ook te maken met Charybdis, die zijn schip opzoog; hij wist ternauwernood te ontkomen door zich aan een tak vast te klampen en te wachten totdat zijn schip weer tevoorschijn kwam. De Straat van Messina tussen Italië en Sicilië wordt vaak aangewezen als de locatie van Skylla en Charybdis, maar sommige wetenschappers menen dat de Grieken dachten dat beide monsters zich bevonden bij Kaap Skilla, in het noord-westen van Griekenland.









Charybdis